Motivatie

Michael Jordan (“His Royal Airness”), de rijkste atleet ter wereld, wordt door velen gezien als de beste basketballer aller tijden. In de jaren dat hij speelde voor de Chicago Bulls werd hij 6 keer (1991, 1992, 1993, 1996, 1997, 1998) kampioen van de Amerikaanse National Basketball Association (NBA), de sterkste basketbal competitie ter wereld. Daarbij werd hij 2 keer Olympisch kampioen (in Los Angeles 1984 als amateur, en in Barcelona 1992 als speler van The Dream Team) en ontving hij vele individuele prijzen zoals NBA speler van het jaar. Dit alles dankt hij aan de unieke combinatie van atletisch vermogen, kracht, snelheid, gratie, artisticiteit, charisma en een enorme gedrevenheid.

Maar Jordan is meer dan een basketbal-icoon; hij is een atleet die zijn sport overstijgt. Dit is vooral vanwege zijn uitzonderlijke atletische kwaliteiten, zijn spectaculaire acties en zijn aansprekende resultaten. Maar hij is ook bij een wereldwijd publiek bekend vanwege zijn inspirerende uitspraken, al dan niet ingegeven door zijn sponsoren, over de mentale aspecten van sport en presteren, en over motivatie in het bijzonder.

Motivatie, wat is dat eigenlijk?

Aan motivatie worden drie componenten onderscheiden. De eerste component betreft de drijfveren van een persoon. De intensiteit van de drijfveren bepaalt hoeveel energie je wilt leveren, en mede daardoor de kwaliteit van de prestatie. Jordan zegt hierover: “Be true to the game, because the game will be true to you. If you try to shortcut the game, then the game will shortcut you. If you put forth the effort, good things will be bestowed upon you. That’s truly about the game, and in some ways that’s about life too.”

Globaal worden er twee soorten drijfveren onderscheiden: intrinsieke en extrinsieke drijfveren. Intrinsieke drijfveren hebben betrekking op de activiteit zelf: je doet iets omdat je het leuk vindt en er plezier aan ontleent. Dat is vaak de reden waarom mensen volleyballen, piano spelen of vogels kijken. Ook Jordan heeft een sterke intrinsieke drijfveer, ofwel een sterke liefde voor de sport: “Even when I’m old and grey, I won’t be able to play it, but I’ll still love the game.”

Zoals de naam al doet vermoeden hebben extrinsieke drijfveren daarentegen betrekking op buiten de activiteit zelf gelegen factoren, zoals winst, verlies, goedkeuring, roem, geld, prijzen en status. Sommigen beweren dat dit soort extrinsieke beloningen uiteindelijk de intrinsieke motivatie ondermijnt. Kort door de bocht: geld en prijzen vergallen je plezier in de sport. In sommige gevallen is dat ook zo, maar in het algemeen niet. Het zou immers impliceren dat sporters, studenten, werkenden, etc. niet intrinsiek gemotiveerd kunnen zijn omdat zij standaard met extrinsieke factoren te maken hebben, waaronder prijzen en medailles, studiepunten en cijfers, en salaris en bonussen. Dit soort extrinsieke factoren kan de intrinsieke motivatie ondermijnen wanneer mensen zich gemanipuleerd voelen en zich in hun autonomie voelen aangetast (“Ik moet dit doen omdat ik anders geen punten krijg.”). Echter, vaak ervaren mensen extrinsieke uitkomsten als informatief (“Ik sta op het podium omdat ik goed heb gepresteerd.”), waardoor het niet ten koste gaat van de intrinsieke drijfveren. Jordan is daarvan een goed voorbeeld. Als geen ander heeft hij te maken met extrinsieke factoren als geld, roem, winst en verlies, wat voor hem overigens eveneens belangrijke drijfveren zijn: “I play to win, whether during practice or a real game.” Maar, zoals gezegd, die gaan niet ten koste van zijn intrinsieke drijfveren: “The game is my wife. It demands loyalty and responsibility, and it gives me back fulfillment and peace.” 

Het voordeel van intrinsieke drijfveren is dat de focus primair op de activiteit zelf ligt. Dat is immers waar je het voor doet. Extrinsieke factoren kunnen afleiden, zoals Jordan nadrukkelijk onderkent: “I would tell players to relax and never think about what’s at stake. Just think about the basketball game. If you start to think about who is going to win the championship, you’ve lost your focus …. Just play. Have fun. Enjoy the game.” Een focus op mogelijke uitkomsten (in plaats van op de activiteit zelf) kan de angst om te verliezen versterken. Nu is in een competitieve situatie een bepaalde mate van faalangst onvermijdelijk, en volgens Jordan zelfs een noodzaak om steeds beter te worden. Zelfs atleten van de buitencategorie zoals Jordan falen meer dan dat ze succes hebben. Hij zegt hierover: “I’ve missed more than 9000 shots in my career. I’ve lost almost 300 games. Twenty-six times, I’ve been trusted to take the game winning shot and missed. I’ve failed over and over and over again in my life. And that is why I succeed …. To learn to succeed, you must first learn to fail …. Failure makes me work even harder.”

De tweede component van motivatie is de richting. Soms klagen trainers, leraren en werkgevers dat hun sporters, studenten of werknemers niet gemotiveerd zijn. Echter, mensen zijn bijna altijd gemotiveerd, maar niet altijd in de richting die jij als trainer, leraar of werkgever wenst. Sporters willen wel trainen, maar hebben geen zin in een duurloop. Studenten hebben hun aandacht niet bij de les, maar zijn wel zeer actief op sociale media. Werknemers dreigen een belangrijke deadline te missen, maar zijn ondertussen wel druk bezig met het organiseren van een personeelsuitje. Motivatie houdt dus ook in dat de drijfveren zijn gericht op de juiste doelen. Wanneer dat om wat voor reden dan ook niet meer kan worden opgebracht, dan is het wellicht tijd om iets anders te gaan doen. In Jordan’s woorden: “When I will lose the sense of motivation and the sense to prove something as a basketball player, it’s time for me to move away from the game.” Dit stadium bereikte hij in 1993, toen hij de tijdelijke overstap maakte naar honkbal en een tijdje in een baseball minor league actief was. In 1995 (tot 1999) richtte hij zich weer op basketbal en maakte met drie NBA titels een glorieuze come-back in zijn favoriete sport.

De derde component van motivatie, tot slot, is mentale weerbaarheid, volharding of doorzettingsvermogen. Als de drijfveren sterk zijn, en doel en richting zijn duidelijk, dan zal de motivatie sterker zijn als het even tegenzit. In de woorden van Jordan: “If you’re trying to achieve, there will be roadblocks. I’ve had them; everybody has had them. But obstacles don’t have to stop you. If you run into a wall, don’t turn around and give up. Figure out how to climb it, go through it, or work around it.” Niet zonder humor beweerde hij: “I’ve never lost a game, I just ran out of time.”

Motivatie is dus de mentale kracht die de richting van gedrag bepaalt, en de mate van intensiteit en vastberadenheid. In een teamsport als basketbal is voor duurzaam succes niet alleen de motivatie van de individuele spelers van belang. De neuzen van de teamgenoten moeten in dezelfde richting wijzen en er moet een gemeenschappelijke bereidheid zijn om keihard te werken, om voor elkaar door het vuur te gaan, en te volharden bij (collectieve) tegenslag. Jordan benadrukt daarbij de opofferingsbereidheid van de vedette voor het succes van het team: “There are plenty of teams in every sport that have great players and never win titles. Most of the time, those players aren’t willing to sacrifice for the greater good of the team. The funny thing is, in the end, their unwillingness to sacrifice only makes individual goals more difficult to achieve. One thing I believe to the fullest is that if you think and achieve as a team, the individual accolades will take care of themselves.”

Volgens Jordan is het dus vooral belangrijk dat iedere speler in dienst van het team speelt; dat leidt voor ieder teamlid tot de beste uitkomsten. Maar een sterke team-motivatie betekent niet automatisch dat de gestelde doelen worden gerealiseerd. Maar dat is volgens Jordan het probleem niet: “I can accept failure, everyone fails at something. But I cannot accept not trying.” Jordan had de slogan zelf kunnen verzinnen: “Just Do It.”

 

Verder lezen?

Motivation: Self-Determination Theory and Performance in Sport – Martyn Standage (2012)